Nederlands

Wat doen we met Nederlands in de brugklas ?

Goed zo, je raadt het al! Lezen, schrijven, luisteren en spreken.

Nou dat is te doen, zou je denken. “Dat ken ik al of is het dat kan ik al?” Deze vaardigheden heb je natuurlijk al heel wat jaartjes op de basisschool geoefend en daar gaan we mee verder.

Natuurlijk moet je kunnen ontleden, zowel redekundig als taalkundig. Weet je nog wel: onderwerp, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, de persoonsvorm en het gezegde. Hoe zit het ook al weer met de lidwoorden, werkwoorden en bijvoorbeeld zelfstandig naamwoorden? Spelling is ook heel belangrijk. Vind je ook niet? Of is het, vindt je ook niet? Of nog gekker, vint je ook niet?

Verder gaan we werken met heel veel leesteksten met vragen en opdrachten. Ook gaan we aan de slag met spreekvaardigheid. Misschien is dat ècht iets voor jou. Dan kun je eens laten zien dat je het helemaal niet eng vindt om voor de klas iets te vertellen over een onderwerp waar je alles van weet. Of je gaat een debat aan met je medeleerlingen.

We zullen veel gaan schrijven en misschien wel nòg meer lezen. Spannende, grappige, vrolijke, zielige boeken of gedichten; voor ieder wat wils en allemaal te vinden in onze mooie mediatheek. Door al dat lezen leer je veel nieuwe woorden. Misschien bezoek je met je klas wel “De Rode Loper” of “De dag van de Jonge Jury”.

Kortom: Nederlands is een heel gevarieerd vak en echt ontzettend leuk!!

ne-a