Culturele Kunstzinnige Vorming

Culturele Kunstzinnige Vorming (CKV) wordt gegeven in 3 MAVO, 4 HAVO en 4/5 VWO.
Bij CKV maak je kennis met allerlei vormen van kunst en cultuur, zoals beeldende kunst, film, theater, muziek, literatuur en dans.
Je leert aan de hand van thema’s van alles over verschillende soorten van kunst, je gaat zelf aan de slag met praktische opdrachten en je gaat op bezoek in musea, concertzalen, bibliotheek en andere culturele instellingen.
Door deze kennismaking leer je een mening te vormen over kunst en cultuur, waarbij we natuurlijk vooral hopen dat je meer gaat genieten van kunst en cultuur.


Lesprogramma

Het doel van het vak CKV is dat iedere leerling zijn of haar smaak ontwikkelt op het gebied van kunst en cultuur. Die ontwikkeling moet terug te vinden zijn in het aan te leggen kunstdossier, een document met persoonlijk tintje.

In 3 mavo wordt CKV gedurende een half jaar 2 uur per week gevolgd.
We werken met de methode Palet voor het vmbo. Elk hoofdstuk besteedt aandacht aan een andere vorm van kunst. Aansluitend op ieder hoofdstuk/kunstvorm krijg je een opdracht waarin je praktisch bezig bent. Daarnaast moet je vier culturele activiteiten ondernemen. Deze doe je gedeeltelijk met school. Naar aanleiding van de culturele activiteiten vul je de bijpassende kijk- of luisterwijzers in.

CKV is in 4 havo anderhalf uur per week ingeroosterd.
Op de havo combineren we de methode Palet met door de docenten zelf ontworpen lessen.
Het vak bestaat uit drie onderdelen:

  •  Drie thema’s, bijv. de stad, grenzen, helden, oorlog enz.;
  •  Een praktijkopdracht, waarbij je zelf kunstzinnig aan de slag gaat;
  •  Zes culturele activiteiten, die je gedeeltelijk met school en gedeeltelijk zelfstandig onderneemt. Over elke culturele activiteit schrijf je een verslag.

CKV wordt in zowel 4 als 5 vwo 1 uur per week gevolgd.
Ook op het vwo combineren we de methode Palet met door de docenten zelf ontworpen lessen.
Het vak bestaat uit een aantal onderdelen die verspreid over 4 en 5 vwo worden aangeboden:

  • Een inleiding op het vak CKV met veel aandacht voor de verschillende kunstdisciplines en voor het maken van verslagen;
  • Vier thema’s, bijv. de stad, grenzen, helden, oorlog enz.;
  • Een praktijkopdracht, waarbij je zelf kunstzinnig aan de slag gaat;
  • Acht culturele activiteiten, die je gedeeltelijk met school en gedeeltelijk zelfstandig onderneemt. Over elke culturele activiteit schrijf je een verslag;
  • Een presentatie aan de hand van een thema.


Docenten

Mw. I. Hairwassers
Mw. S. Holwerda
Mw. N. Voogt
Mw. drs. E.I. Vos
Dhr. E. van Vugt

bevo-a